In de raadsvergadering van 12 december j.l. kwam de CAP de Dorpspartij met een motie over het monument voor verdronken vissers. De ChristenUnie ziet met het instemmen van deze motie een punt uit haar verkiezingsprogramma in werking gaan. In het Verkiezingsprogramma staat: “In samenwerking met de Historische Vereniging komt er een monument ter nagedachtenis aan de verdronken vissers van ons dorp.“
Raadslid Pieter de Vos gaf wel aan dat sommige zaken in de aanloop naar deze beslissing van de raad reden geven om nog eens over na te denken.
Bijdrage bij de CAP-motie Monument Verdronken Vissers
Voorzitter,
Gedenken en bewaren zijn essentieel voor een samenleving. We staan op de schouders van degenen die ons zijn voorgegaan, en juist daardoor kunnen we lessen trekken uit ons verleden. Spakenburg toont op dagen als de Visserijdag een prachtig venster naar dat verleden. Maar vandaag ligt er een voorstel voor dat de pijnlijke kant van onze geschiedenis belicht: de vissers die op zee bleven en niet meer terugkwamen.
Sinds 2011 werk ik als raadslid aan het plan voor een monument ter nagedachtenis aan deze vissers. Als ChristenUnie ondersteunen we dit initiatief van harte. Het verdient een plek waar verdriet, rouw en herinnering samenkomen. Hiermee krijgt niet alleen cultuur, maar ook historisch besef een zichtbare plaats aan zee.
Ik wil de historische vereniging nadrukkelijk complimenteren. Hun uithoudingsvermogen, flexibiliteit en bereidheid tot overleg zijn bewonderenswaardig. Ze hebben actief laten zien wat hun plannen zijn, bijvoorbeeld door middel van een peiling op de Visserijdag, en hebben zich ingezet om de namen van de verdronken vissers te achterhalen.
Geacht college, met het aannemen van deze motie zijn we er nog niet. Er ligt nu een duidelijke opdracht bij u om hiermee aan de slag te gaan. We wensen u veel succes bij de uitwerking en hopen dat dit snel leidt tot een waardig monument. Ons dorp heeft hier lang op gewacht en veel over gesproken. Laten we er nu samen voor zorgen dat dit gerealiseerd wordt.
Dank u wel.